Sellingerbeetse



Historie - Sellingerbeetse

'De aarde was woest en ledig', dat ging tot halverwege de negentiende eeuw zeker op voor de Sellingerbeetse, de streek was onbewoond.

Als het heel nat of heel droog was een nauwelijks te begaan zand- en veengebied. Waar heide volop groeide en bloeide, waar de schaapherder liep en de bijenkorven stonden.

Woningen

Plaggenhut
Plaggenhut

Het eerste onderkomen voor mensen in Sellingerbeetse was zeer waarschijnlijk een plaggenhut, die zo rond 1850 werd gebouwd.
Langzamerhand kwamen er meer plaggenhutten, maar ook houten keten werden er neergezet voor bewoning.
Harm Kremer, die met negotie langs de weg liep, bewoonde zelfs een stuk tramwagen.

Plaggenhutten, hutten van boomstammen en heideplaggen om in te wonen, werden vaak in één nacht, gedeeltelijk in de grond, gebouwd. Het was verboden om zomaar ergens een huis te bouwen. Wanneer het lukte om in de ochtend de haard te laten branden, zodat er rook uit de schoorsteen kwam, dan mocht het huisje blijven staan.

Verharde wegen

In 1940 werd de Voorbeetserweg verhard. In 1952 werd het Beetserpad de Beetserweg.

 


© sellingerbeetse.nl - disclaimer - sitemap
TWEET