Sellingerbeetse



Harm Heisa (Harm Jansen)

Rond 1869 kwam de vader van Harm Jansen met zijn eerste vrouw vanuit Duitsland naar de Sellingerbeetse. Ze begonnen er een boerderijtje.
De eerste zoon die werd geboren kreeg de namen Harm Hendrik.
Kort daarna kwam de jonge moeder te overlijden, vader Jansen nam een Duitse huishoudster in huis waarmee hij later trouwde.
Met haar kreeg hij op 2 januari 1873 een tweede zoon, ze noemden hem Harm.

Waar het mis ging

Beide jongens leerden al vroeg dat er gewerkt moest worden, ze pakten alles aan waarmee wat te verdienen was.
Na een tijd raakte Harm er van overtuigd dat zijn broer het grootste gedeelte van het verdiende geld in eigen zak stak. Harm zou 300 gulden te weinig hebben gekregen
Toen hij daarna ook nog eens vernam dat zijn broer het bedrijfje van zijn ouders zou krijgen, ging het helemaal mis met Harm.

Zwerven

Harm Heisa

Hij ging weg van huis en wilde niet meer werken, ging zwerven en leefde in een hutje (een gat in de grond met heideplaggen bedekt) in de Beetse.
Maar het liefst was hij buiten, zelfs 's nachts zwierf hij rond over de zandweggetjes in de Beetse.
Als de hut weer eens was afgebrand, wat meerdere malen gebeurde, zocht Harm onderdak in een boerenschuur of hooiberg. De Beetsers bouwden voor hem een stenen onderkomen, een soort stookhok van drie bij vier meter met aan de achterkant een deur en aan de voorkant een stookplek met schoorsteen.
De kerk (Harm was katholiek), gemeente en inwoners van Sellingerbeetse voorzagen hem van kleren, dekens, tabak en eten.

Wagenborgen

Ooit dacht de gemeente er goed aan te doen Harm te laten opnemen in het instituut voor geestelijke zorg in Wagenborgen, maar daar wilde Harm niet zijn, hij liep weg en keerde terug naar zijn Beetse.

Harm Heisa met zijn onafscheidelijke deken

Harm Heisa met zijn onafscheidelijke deken

Harm had altijd zijn onafscheidelijke deken om zich heen, tegen de kou, hij wikkelde zich er in, om even op een beschut plekje, een tukje te doen als hij moe werd.
Harm Heisa was een zachtaardige man, deed geen kip kwaad, zonder vijanden, men beschouwde hem als een curiositeit en groette hem vriendelijk als men hem tegenkwam op een landweg tussen de akkers.

28 februari 1956

Harm heeft altijd in de Beetse geleefd en is er op 28 februari 1956 op 83 jarige leeftijd gestorven.
De toenmalige pastoor wilde hem zonder franje begraven. Maar een Beetser stak daar een stokje voor, hij betaalde de begrafenis en liet ook bidprentjes drukken, hij kreeg een uitvaart zoals ieder ander.
Bidprent Harm Heisa
Daardoor kwam Harm Heisa weer tussen het volk, op het kerkhof van Kopstukken te liggen.

Graf Harm Jansen

© sellingerbeetse.nl - disclaimer - sitemap
TWEET